Meervoud +en dictee ♪
- Luister
- Praat
- Schrijf
- Lees

Wat zegt de docent?
De armen en de benen.
Wat zegt de docent?
De hoofden en de oren.
Wat zegt de docent?
De handen en de tanden.
Wat zegt de docent?
De botten en de harten.
Wat zegt de docent?
De mannen hebben baarden.
